http://www.futuras.nl/wp-content/uploads/2011/08/fruit.jpg

Milieubewust eten doet u zo

Voedsel draagt een belangrijk steentje bij aan de aftakelende aarde. Vijf gouden tips om daar iets aan te doen.

Voedsel heeft op diverse manieren invloed op onze planeet. De massa-productie ervan tast ecosystemen aan, er komen veel vervuilende stoffen bij vrij (denk aan pesticiden) en de productie van voedsel draagt bij aan het broeikaseffect. Die driebenige problematiek is niet in één klap op te lossen, maar als we allemaal ons steentje bijdragen, komen we al een heel eind.

Weet hoeveel CO2 u ‘eet’
Laten we direct maar met de deur in huis vallen en starten met één van de grootste vervuilers: vlees. De productie van vlees zorgt ervoor dat de meest uiteenlopende broeikasgassen vrijkomen: van lachgas tot methaan. En dat zijn gassen om serieus te nemen: ze zijn vele malen invloedrijker dan het beruchte CO2. Natuurlijk is niet elk stukje vlees even ‘vervuilend’. Lam is het meest vervuilend, op de voet gevolgd door rundvlees. De invloed van vlees op het broeikaseffect is aanzienlijk. Het goede nieuws is dat we hier dus ook een aanzienlijke vooruitgang kunnen boeken. Als een gezin van vier personen één dag per week geen vlees eet, heeft dat hetzelfde effect als wanneer datzelfde gezin de auto drie maanden niet zou gebruiken. Wie het vlees echt niet kan missen, kan nog overwegen om over te stappen op organisch vlees: dat zou ook al een stuk minder vervuilend zijn.

Koeien. Foto: Joost J. Bakker IJmuiden (cc via Flickr.com).

Wat u dichtbij haalt…
..is duurzamer. Voedsel dat de hele wereld al over is gereisd, heeft door dat transport alleen al een ongelofelijke ecologische voetafdruk achtergelaten. Door te kiezen voor voedsel dat uit de buurt komt, kunt u dat beperken. Ga eens langs bij de boer of kweek uw eigen groenten.

Weet wat u weggooit
Soms blijven er wat restjes over en die verdwijnen dan in de prullenbak. Al die restjes samen, leveren op jaarbasis een enorme bulk weggeworpen voedsel op. Zo is uit onderzoek gebleken dat op aarde jaarlijks meer dan één miljard ton aan eten wordt weggegooid. Niet alleen zonde, maar ook nog eens heel vervuilend. Het voedsel gaat namelijk rotten en daarbij komen broeikasgassen vrij. Koop daarom altijd ietsje minder dan u nodig denkt te hebben of ga creatief om met de restjes en maak er de volgende dag weer wat lekkers van.

Vlees en water
Om een kilo vlees te produceren, is een hoop water nodig. Zo wordt 4800 liter water verbruikt om een kilo varkensvlees te produceren. Voor een kilo rundvlees is zelfs 15.500 liter water nodig. Dat water gaat niet alleen op aan drinkwater voor de dieren: ook het water dat nodig was om voedsel voor de dieren te produceren is meegerekend.

Lekker groen
Over het algemeen geldt dat u met groente altijd wel goed zit. Maar ook hier zit natuurlijk weer een kanttekening bij. Zo moet de groente niet al te lang onderweg zijn, want anders draagt deze alsnog flink bij aan het broeikaseffect. Een ander gevaar is de hoeveelheid water die nodig is om groente en fruit te produceren. Daar zitten per groente en fruit weer grote verschillen in. Voor een kilo bananen is gemiddeld ongeveer 860 liter water nodig. Een kilo komkommers heeft genoeg aan 240 liter, terwijl olijven per kilo wel 4400 liter water nodig hebben. Water is een kostbaar goed en naarmate de aarde verder opwarmt, wordt het alleen maar kostbaarder. Om grotere problemen (zoals bijvoorbeeld het oprukken van de woestijn) tegen te gaan, zullen we zuinig met water om moeten gaan. Natuurlijk zijn groenten en fruit niet de enige soorten voedsel die veel water verbruiken. Hun verbruik is nihil in vergelijking met het water dat voor de productie van vlees nodig is (zie ook hiernaast). Het is ook belangrijk om voor groenten en fruit te kiezen die bij het seizoen horen. Een aardbei heeft in de winter door de groei in kassen bijvoorbeeld een veel grotere ecologische voetafdruk dan in de zomer.

Broccoli. Foto: Daniel Villar Onrubia (cc via Flickr.com).

Keurmerk
Het valt niet mee om als leek onderscheid te maken tussen ‘goed’ en ‘slecht’ eten, maar gelukkig krijgt u hulp. En wel van een keurmerk van Milieukeur. Dit keurmerk heeft alle factoren die hierboven genoemd zijn (van pesticiden tot energieverbruik en broeikasgassen) in overweging genomen en op basis daarvan besloten of een product het keurmerk verdient of niet. Hoewel keurmerken bedoeld zijn om alles overzichtelijker te maken, werken ze tegenwoordig ook wat verwarrend: er zijn er zo ontzettend veel van. Zo lijkt een product met het keurmerk ‘biologisch’ bijvoorbeeld een goede keus. Dat is deels ook wel waar, maar wie met het oog op het milieu de juiste keus wil maken, kan daar beter niet voor kiezen. De mensen achter het biologische keurmerk hebben namelijk niet nagedacht over het energieverbruik en beperken zich tot factoren als pesticiden en kunstmest.

Wie het echt goed wil doen, moet rekening houden met zoveel factoren dat u de moed in de schoenen zou zakken. Maar dat hoeft niet. Het mooie van ons voedsel is namelijk dat we met een klein beetje goodwill al een groot verschil kunnen maken.



There are no comments

Add yours