http://www.futuras.nl/wp-content/uploads/2011/12/biobrandstof1.jpg

Hoe groen is biobrandstof?

Het klinkt heerlijk duurzaam, maar schijn bedriegt. Biobrandstof heeft namelijk ook een donkere kant.

Biobrandstof is een veelbelovend alternatief voor de fossiele brandstoffen. Biobrandstof kan bepaalde delen van brandstoffen vervangen of – met enkele aanpassingen aan de motor – bijvoorbeeld benzine helemaal overbodig maken.

Drie generaties
Er wordt onderscheid gemaakt tussen drie zogenoemde generaties biobrandstoffen. De eerste generatie biobrandstoffen komt tot stand door planten die ook als voedsel kunnen dienen te gebruiken. De tweede generatie bestaat uit biomassa dat niet geschikt is als voedsel (veelal afval). De derde generatie bestaat uit algen.

Soorten
Er zijn verschillende soorten biobrandstoffen. We stippen ze in dit artikel niet allemaal aan, maar doen een greep uit de bekendste.

Bio-ethanol
Een heel bekende is bio-ethanol. Dit kan gemaakt worden uit onder meer maïs, suikerriet en tarwe. Het productieproces in een notendop: er worden suikers uit het plantaardige materiaal verkregen en die worden afgebroken. De glucose en fructose die overblijft wordt weer omgezet in ethanol en CO2.

Biodiesel
Nog een bekende: biodiesel. Dit kan ontstaan uit bijvoorbeeld koolzaadolie of sojaolie. De olie wordt uit de planten gehaald en omgezet in biodiesel.

Biodiesel. Foto: Shizhao拍摄 (via Wikimedia Commons).

Biogas
Bio-ethanol en biodiesel zijn vloeibare biobrandstoffen. Maar er zijn ook gasvormige biobrandstoffen. Biogas bijvoorbeeld. Het ontstaat doordat bacteriën organisch materiaal verwerken. Hierbij komen gassen vrij die wij weer kunnen gebruiken.

Alternatieven
De behoefte aan biobrandstoffen komt voort uit verschillende ontwikkelingen. Zo zijn de fossiele brandstoffen heel vervuilend en hebben ze een grote, negatieve invloed op ons klimaat. Daarnaast zijn de fossiele brandstoffen (die zowel technisch als economisch winbaar zijn) een eind op. Om ook in de toekomst in de vraag naar energie te blijven voldoen, zijn alternatieven nodig.

Minder vervuilend
Biobrandstoffen lijken een prima alternatief: ze verminderen onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Bovendien komen bij de verbranding van biobrandstoffen minder vervuilende stoffen vrij dan bij de verbranding van fossiele brandstoffen.

In Europa
Europa heeft in 2007 bepaald dat in 2020 twintig procent minder CO2 moet worden uitgestoten. Biobrandstof speelt een belangrijke rol in dat plan: tien procent van de gebruikte brandstoffen moet over negen jaar vervangen zijn door biobrandstof. Om al die auto’s draaiende te houden, is 4.1 tot 6,9 miljoen hectare land nodig. Als daar bossen voor moeten wijken, komt er met biobrandstoffen nog meer CO2 vrij dan wanneer die auto’s gewoon op fossiele brandstoffen zouden blijven rijden.

Het complete plaatje
Eind goed, al goed? Niet helemaal! Biobrandstof op zichzelf is misschien heel duurzaam, maar we moeten ook verder kijken en het totale plaatje onder de loep nemen. En dat ziet er niet zo heel gunstig uit. Laten we eens beginnen bij de productie van biobrandstoffen. Om genoeg biobrandstoffen te produceren, zijn enorme lappen land nodig waarop de planten kunnen groeien. Nu is landbouwland vrij schaars. En dus is de verleiding groot om in het kader van de duurzaamheid maar bossen en graslanden vrij te maken voor biobrandstof. Maar terwijl de bomen geveld worden en de grond omgeploegd wordt, komt ontzettend veel CO2 vrij. Dat zit namelijk opgeslagen in bomen en planten en de grond. Wanneer we daar in gaan zitten rommelen, komt het weer in de atmosfeer terecht.

In Afrika
Maar de productie van biobrandstoffen brengt ook nog andere problemen met zich mee. Een continent als Europa wil namelijk wel overstappen op biobrandstof, maar heeft zelf de ruimte niet voor grote akkers vol met leveranciers van biobrandstof. En dus wijkt Europa uit naar Afrika. Daar worden enorme stukken land vrijgemaakt voor de productie. Het gevolg: de emissies van één van de armste delen van de wereld stijgen de pan uit.

Fair Trade
Er zijn organisaties die de productie van biobrandstoffen onethisch noemen. Om daar iets aan te doen, stellen ze onder meer voor om principes die nu enkel gebruikt worden in de fair trade-branche ook te gebruiken in de branche der biobrandstoffen.

Honger
Een ander probleem is dat land dat voor de productie van biobrandstoffen wordt gebruikt niet gebruikt kan worden voor de productie van voedsel. In het ergste geval leidt een duurzamere wereld dus op sommige plaatsen tot honger of in ieder geval heel duur voedsel.

Maatregelen
Gelukkig lijkt Europa zich daar nu ook bewust van te worden: in 2011 zijn nieuwe regels opgesteld. Biobrandstof mag nu alleen het stempel ‘duurzaam’ krijgen als het ook op een duurzame manier tot stand is gekomen. Zo mogen er geen bossen voor verdwijnen, wordt het gebruik van mest beperkt en moet afval dat overblijft na de productie van biomassa gerecycled worden. Biobrandstof is al een tijdje bezig aan een opmars en de maatregelen komen dan ook redelijk laat. Maar in dit geval lijkt zeker te gelden: beter laat dan nooit.

Biobrandstof kan net zo groen worden als wij willen. Het is een prachtig alternatief, maar kan door een verkeerde uitwerking uitgroeien tot een vervuiler op zich. Gelukkig wordt er hard gewerkt aan oplossingen die de biobrandstof van die donkere schaduw ontdoet. Niet alleen overheden buigen zich over de vraag hoe biobrandstof verantwoord kan worden gebruikt. Ook wetenschappers werken aan een duurzamere biobrandstof: eentje waar geen enorme hectares voor nodig zijn, maar die heel efficiënt uit afval kan worden gewonnen. Het kost tijd en geld, maar een zeer groene biobrandstof kan de wereld zomaar gaan veroveren.



There are 2 comments

Add yours
  1. Wim ten Brink

    Het probleem is vooral dat die plantaardige bestandsdelen waar biobrandstof uit gewonnen kan worden ook nog eens de meest voedzame delen zijn van een plant. Daardoor concurreert de brandstof-productie met de voedsel-productie wat de nodige problemen oplevert.
    Maar sowieso levert de voedsel-productie veel overschotten op en is de consument vrij kieskeurig. Appels beneden een bepaalde maat worden niet verkocht. Net als mais dat niet helemaal de juiste kleur heeft of tarwe dat afkomstig blijkt te zijn van een vervuilde akker. Deze restanten van de voedsel-industrie zou tesamen met het afval dat de voedsel-productie oplevert gebruikt kunnen worden voor de energie-productie.
    Een deel van die producten kan sowieso verwerkt worden tot veevoer en komt zo weer in de voedselketen terecht, wat natuurlijk beter is. Bedorven gebak, snoepjes die over datum zijn, groentes die de consument niet wil, dat kan allemaal worden verwerkt tot veevoer en dan houden we nog veel over.

    Maar dan het andere probleem. We hebben dan grote hoeveelheden voedsel-restanten die we tot brandstof willen verwerken. Door met bacterieen te werken kan er gas geproduceerd worden en met andere technieken kan er mogelijk ethanol of olie uit gehaald worden, maar deze processen kosten zelf ook energie en/of veel tijd. En dat terwijl deze voedselrestanten gewoon als vaste brandstof in een oven verbrand kunnen worden voor de productie van electriciteit! Want of je het eerst omzet naar bio-energie en dan verbrandt of gewoon meteen verbrandt… Ik zie daar weinig verschil tussen…

    Met een efficientere verbrandingsoven zijn de processen om bio-energie te produceren gewoon overbodig.


Post a new comment